Aard Heijmans, werd geboren op 18 augustus 1947 en groeide op in de Venkelstraat.

Toen we beiden op de OLS aan de voet van de Sint Catharijnekerk zaten, waren we klasgenoten en groeiden op in het Brieltje waar iedereen iedereen kende en waar je als kind door het hele stadje zwalkte. Een horloge had je niet nodig want je kon altijd vanuit overal de wijzerplaten van de dom zien.

Aard herinner ik mij als een jongen die zich de kaas niet van het brood liet eten en niet bevreesd was zijn mening te geven. Op zijn beurt herinnert Aard zich mij als een rustige jongen, die veel zwierf op de wallen achter de Witte de Withstraat, waar ik een stuk stadsmuur met gewelf ontdekte. Op de lagere school tekende ik vaak. Aard kan zich nog heel goed een tekening herinneren die ik maakte van dat gevonden stuk stadsmuur, die grote indruk op hem maakte en hij tot op de dag van vandaag nog haarscherp voor de geest kan halen.

Na de Lagere school verloren we elkaar uit het oog. Aard is naar de middelbare school gegaan en is in 1963 terecht gekomen als leerling ambtenaar op het stadhuis waar hij tot 1966 gewerkt heeft. Aard zag dagelijks het bewuste raam. Vooral de spreuk:’’Ik ben er grootsch, zeer grootsch op Nederlander te zijn" sprak hem aan.

Aard is in 1969 noodgedwongen in Hellevoetsluis gaan wonen (de gemeente Brielle had geen woningen beschikbaar voor beginnende echtparen) en ikzelf emigreerde in 1983 naar Spanje.

Op een gegeven moment bemerkte hij tot zijn ontsteltenis dat het raam uit het stadhuis verdwenen was. De vele pogingen - ook door anderen - om de verblijfplaats te achterhalen leverden niets op. Aard is jaren geleden lid geworden van de Historische vereniging Vrienden van het Trompmuseum, tegenwoordig Historische Vereniging De Brielse Maasmond genoemd.

In 2008 kreeg ik weer contact met Aard, nadat hij had kennisgenomen van mijn website. Vanaf dat moment is hij mij op de hoogte gaan houden van het verloop van zijn pogingen vermiste erfgoederen uit het stadhuis boven water te krijgen. Omdat mijn website veel nieuws over Brielle heeft vroeg Aard mij toen of ik aandacht wilde schenken aan het verdwenen raam en dat deed ik uiteraard. Beiden zijn we als ras-Briellenaren al van jongs af aan zeer geïnteresseerd geweest in de Brielse geschiedenis en haar erfgoed, en zijn al het mogelijke gaan doen het verdwenen erfgoed onder de aandacht te blijven houden en pogingen ondernomen het terug te vinden.

Naar aanleiding van vragen van Aard Heijmans is er enige aandacht aan dit onderwerp gegeven in De Brielse Mare van april 2009, met onderstaande oproep.

Mocht u tips hebben, laat het Aard Heijmans weten, of meld het in mijn Gastenboek

(Indien gewenst zonder naamsvermelding.)

Geacht college, 

Zoals u wellicht uit diverse bronnen vernomen hebt ben ik, samen met anderen, op zoek naar het verdwenen glas-in-lood raam uit het Stadhuis. Inmiddels heb ik contact gehad met diverse personen. Helaas nog niet met als resultaat dat het raam gevonden is.

Wel is mij duidelijk geworden, dat er van gemeentezijde destijds twee personen bij de verbouw betrokken zijn geweest die wellicht meer duidelijkheid kunnen verschaffen. Deze personen zijn: de heer J. Kwakernaak, directeur gemeentewerken en de heer de Reus (functie onbekend).

Het zit mij hoog, dat een dergelijk stuk cultureel erfgoed, notabene een geschenk!, zomaar verdwenen kan zijn in een stad als Brielle, waar de historie toch een prominente plaats inneemt.

Graag wil ik u verzoeken bij beide genoemde heren (en eventuele andere bronnen) te informeren naar de verblijfplaats van het raam en/of wat er met het raam gebeurd is.

Ik durf niet te geloven dat het destijds zomaar in de afvalcontainer terecht gekomen is. Ik doe dit beroep op u, in het besef dat ook op u de morele plicht rust dit erfgoed terug te vinden. Immers het was een geschenk aan de gemeente Brielle en het had een prominente plaats in een van de ramen van de gemeentesecretarie aan de zijde van de Koopmanstraat.

Men mocht toch verwachten dat de gemeente "als goed huisvader" e.e.a. zou beheren! 

Graag verneem ik uw bevindingen.

Met vriendelijke groet,

A.M. Heijmans

6 Februari 2010 kreeg Aard eindelijk antwoord van de gemeente Brielle op zijn brief van 2 september 2009. Een antwoord waar men niet blij van wordt. Ongelooflijk dat men op zo’n manier omgaat met Brielles erfgoed.

Aard antwoordde daar als volgt op:

Het is dus afwachten of de gemeente Brielle dit idee van Aard oppikt.

Dat het raam ooit nog boven water komt valt sterk te betwijfelen.

Betreft:verdwenen raam stadhuis


Wethouder voor recreaties-toerisme-musea

de heer D. Verbeek

Gemeente Brielle

Postbus 101

3230 AC BRIELLE


Hellevoetsluis, 22 oktober 2010.

Mijnheer Verbeek,


Bij de laatste ledenvergadering van de Vereniging Vrienden van het Historisch Museum Den Briel was u, als net geïnstalleerde wethouder, aanwezig.


U verklaarde daarbij de historie van Brielle een warm hart toe te dragen. Ik ben daar tijdens de rondvraag op ingegaan door uw hulp te vragen bij het terugvinden van het verdwenen raam uit het Stadhuis aan de Markt in Brielle. Ik vroeg u iemand te faciliteren om onderzoek te kunnen verrichten in de archieven van het Algemeen Nederlands Verbond (de schenkster van het bewuste raam). Ik noemde daarbij de namen van de streekarchivaris en het hoofd van het museum. Maar wellicht zijn er anderen die dit bekwaam kunnen doen. U hebt bij die gelegenheid toegezegd een en ander te regelen. Helaas is daar, bij mijn weten, nog geen invulling aan gegeven.


Voor uw informatie, hier gaat het over:

Al geruime tijd ben ik op zoek naar het glas-in-lood herdenkingsraam dat in 1922 geschonken is door het ANV aan de gemeente Brielle. Dit raam bevond zich in een van de zijramen van het stadhuis aan de zijde van de Koopmanstraat. Bij de verbouwing in 1995-1996 is dit raam verdwenen.


Dit raam is een geschenk geweest aan de gemeente Brielle. Een zeldzaam cultureel-historisch stuk erfgoed. De gemeente is verantwoordelijk voor het verdwijnen.


Nu in het masterplan voor het museum gesproken wordt over eventuele overdracht van de eigendommen van de Vereniging vrienden van het historisch museum Den Briel, treft het mij temeer dat er door de gemeente Brielle nog steeds niet adequaat gezocht wordt naar dit verdwenen stuk erfgoed. Het zal u dan ook niet verbazen als ik u zeg, dat ik mij zal verzetten tegen deze overdracht en ook mijn medeleden zal trachten te overtuigen van het feit, dat overdracht van de verenigingseigendommen aan de gemeente geen goed plan is.


Ik heb ook aangegeven het voortouw te willen nemen bij een eventuele inzamelingsactie tot het verkrijgen van gelden voor het laten vervaardigen van een replica. Maar daarvoor is bovengenoemd onderzoek van belang. Immers zonder tekeningen e.d. is het vervaardigen van een replica niet mogelijk. Maar een duidelijke oproep (van de gemeente Brielle) aan inwoners van Brielle en verder in Nederland voor duidelijke foto's, wetenswaardigheden, enz. kan ook informatie opleveren. Of wat dacht u van een programma als "Opsporing verzocht".  Met mij zijn namelijk velen van mening dat het raam wellicht gewoon gestolen is. Daarbij worden zelfs namen genoemd. Deze namen kan ik uiteraard, door gebrek aan hard bewijs, niet noemen. Maar dat het raam vernietigd is, is hoogst onwaarschijnlijk. Mede gelet op uitspraken van de uitvoerder en aannemer van destijds. Zij verklaren dat het raam, in opdracht van de gemeente Brielle, samen met andere herbruikbare spullen afgevoerd is, teneinde bewaard te worden. Reden temeer voor de gemeente om zich aangesproken te voelen! Iets laten bewaren en er verder onvoldoende toezicht op houden, waardoor het onderhavige goed onvindbaar wordt, is natuurlijk geen daad om trots op te zijn.


Op 1 april 2012 is het 440 jaar geleden dat Den Briel door de Watergeuzen werd ingenomen. Een feit dat over de hele wereld bekend is. Een feit waarmee Brielle ook nu nog fier tracht de aandacht op zich te vestigen. Prima! Maar laten we dan zorgen dat bij de 440-jarige herdenking het raam weer terecht is, of dat de replica geplaatst is.


Op 24 november aanstaande is er weer een vergadering van de Vereniging vrienden van het Historisch museum Den Briel. Ik reken er op, dat ik op die vergadering kan mededelen dat u uw belofte van april 2010 gestand gedaan heeft en er inmiddels iemand aangewezen is onderzoek te verrichten en de gemeente Brielle alles zal doen om het raam terug te vinden of een replica te laten vervaardigen. Hierboven heb ik u een aantal mogelijke opties voor actie gegeven.


Ik vertrouw erop dat u mijn vertrouwen niet zult beschamen, zodat ik de vergadering op 24 november een positief geluid kan laten horen.


Met vriendelijke groet, (A.M. Heijmans)

De gemeente Brielle blijft zwijgen in alle talen. Aard Heijmans stuurde onderstaande brief.

De heer Jon van Rooyen, die in 1995-1996 supervisie uitoefende bij de renovatie van het Brielse stadhuis deelde mee, dat de afzonderlijke glaspaneeltjes van het herdenkingsraam door werklui van de aannemer van de renovatie van het stadhuis uit het lood zijn gehaald. Naar verluid gebeurde dit om ze voor glasbrak en vandalisme te beschermen. De ruitjes werden vervolgens in één of meer op maat gemaakte houten kistje(s) zonder deksel(s) geplaatst, van elkaar gescheiden door multiplex plaatjes. Van Rooyen heeft het raam nog in de kluis zien staan tot zijn vertrek uit de gemeentedienst in 1997. Het moet later zijn verplaatst naar een nieuwe onbekende locatie.

Het hoofd van de afdeling Historisch Museum Den Briel, Marijke Holtrop meld aan Aard Heijmans: In vervolg op onze berichtgeving aan u van 17 november 2015, waarin wij u hebben beloofd u op de hoogte te houden, laten wij u hierbij weten dat de heer drs R. Slachmuylders zijn onderzoek naar het glas-in-loodraam uit 1922 in 2016 onlangs heeft afgerond. In de bijlage vindt u zijn verslag. De heer Slachmuylders zal tijdens de algemene ledenvergadering van Historische Vereniging De Brielse Maasmond op 28 april een korte toelichting geven op zijn onderzoeksresultaten. Hopend u voldoende geïnformeerd te hebben. Met vriendelijke groeten, Burgemeester en wethouders van Brielle namens dezen, Marijke Holtrop.

1) Voorjaar 2011:

‐a‐ nalezen van de nummers van het tijdschrift van het Algemeen Nederlandsch Verbond (ANV)

genaamd “Neerlandia” uit bedoelde periode (1922‐1923).

Hieruit blijkt:

‐ het voorstel en de beslissing om “iets” te doen naar aanleiding van het 350‐jaarfeest van de inname

van Brielle werd geopperd op een Groepsraadvergadering van het ANV in Utrecht op 14 januari

1922. Hiertoe werd door het Dagelijks Bestuur 50 gulden toegestaan [zie: Neerlandia 26/2 (februari

1922), p. 19].

‐ de plechtige onthulling van het glasraam vond plaats op donderdag 26 oktober 1922. Aanwezig

waren onder meer burgemeester Egter van Wissekerke en de vertegenwoordiger (en lid van het

Dagelijks Bestuur) van de Groep Nederland van het ANV, dhr. M.A. van Weel uit ’s‐Gravenhage. De

legende bij de fotografische reproductie van het glas‐in‐loodraam leert dat het werd vervaardigd

door de firma NV Crabeth uit ’s‐Gravenhage. [zie: Neerlandia 26/12 (december 1922), p. 158].

‐ de schenking leidde naar verluidt niet tot een opleving van de afdeling Brielle van het ANV [zie:

Neerlandia 27/3 (maart 1923), p. 32].

‐ de schenking wordt nog een laatste keer vermeld in het verslag van het werkjaar 1922 van het ANV

[zie: Neerlandia 27/7 (juli 1923), p. 97].

‐b‐ research naar en in het archief van de firma NV Crabeth.

‐ de Haagse kunstglasfirma NV Crabeth werd opgericht door dhr. Bourdrez, als een van zijn privébedrijfjes

in het constructiewezen. Het bedrijf was allicht genoemd naar de bekende 16de‐eeuwse

glazenmakersfamilie Crabeth in Gouda, waarmee het overigens niets te maken heeft.

‐ de archieven van de al lang opgedoekte firma zijn grotendeels verdwenen. Slechts één archiefstuk

van NV Crabeth maakt nog deel uit van het archief van de familie Bourdrez (1625‐1982) in het

Nationaal Archief in Den Haag (archiefinventaris 2.21.287, nummer 24). Het betreft een kopieboek

van brieven van 1915 tot 1919. Ondanks de afwijkende tijdsperiode (het Brielse raam dateert uit

1922) werd dit item tijdens een bezoek aan het Nationaal Archief in 2011 geraadpleegd. Ook andere

archiefstukken van dhr. Bourdrez werden terzelfdertijd nagekeken. Het betreft meer bepaald de

nummers 12, 13, 23 en 28 van de inventaris van het familiearchief Bourdrez, opgesteld door J.A.A.

Bervoets van het Nationaal Archief in 1992. Het resultaat van de opzoekingen is negatief: geen

ontwerpschets van het Brielse raam uit 1922 is boven water gekomen.

‐ online naspeuringen in de collectie van het Haags Gemeente Archief (archieven en beeldbank)

leveren eveneens een blanco resultaat op.

‐c‐ research naar de vermoedelijke ontwerper van het glasraam, dhr. Schilling.

‐ online naspeuringen naar de personeelsbezetting van de NV Crabeth leren dat de dagelijkse leiding

tussen 1920 en 1923 in handen was van J.H.E. “Henk” Schilling (1892‐1942). Later ging hij les geven

aan de Kunstnijverheidsschool ‘Kunstoefening’ in Arnhem.

‐ online naspeuringen op naam van Schilling in de website van het Rijksdocumentatie Centrum (RKD)

leveren slechts een werk van zijn hand op in het Drents Museum te Assen (inv. E1991‐297). Nodeloos

te zeggen dat het geen ontwerpschets van het Brielse glasraam betreft.

‐ online naspeuringen naar eventueel bewaarde archieven of ontwerpen van Schilling leverden een

negatief resultaat op.

‐ navraag bij het Museum voor Vlakglas en Emaillekunst Ravenstein naar bewaarde archieven of

ontwerpschetsen van dhr. Schilling zijn vruchteloos gebleken.

2) Voorjaar 2016:

‐a‐ research in het Archief en Documentatiecentrum voor het Vlaams‐nationalisme (ADVN) te

Antwerpen.

‐ de archieven van het Algemeen Nederlandsch Verbond (ANV) zijn inmiddels gecentraliseerd op één

plaats, het ADVN in de Lange Leemstraat 26 te 2018 Antwerpen.

‐ op 29 januari 2016 alle door dhr. Heijmans gesuggereerde stukken werden nagekeken, inclusief de

correspondentie. Het betreft de volgende (nieuwe) enkele honderden foto’s.

Tussen de foto’s werd een vrij scherpe cliché van het glasraam aangetroffen. Mogelijk betreft het de

foto die is gereproduceerd in Neerlandia 26/12 (december 1922), p. 158. Hiervan is een hoge

resolutiescan besteld, gemaakt en met “WeTransfer” opgestuurd. Aangezien het geen kleurenfoto

maar een monochroom bruine foto betreft, heeft deze scan echter hoofdzakelijk een documentaire

waarde. Hij kan niet dienen om een replica van het glasraam te vervaardigen.

‐ de kwaliteit van de scan is dermate scherp dat de signatuur (firmanaam NV Crabeth) onderaan goed

zichtbaar is. Hetzelfde geldt voor het centerpiece van het glasraam. Dit laatste lijkt door NV Crabeth

te zijn vervaardigd op basis van een “broertje” van volgende foto van het bezoek van koningin

Wilhelmina aan Brielle op 1 april 1922, bewaard in het Streekarchief Voorne‐Putten.


‐b‐ speurtocht naar het verdwenen raam.

‐ zowel het Brielse stadhuis als het gemeentekantoor zijn van onder tot boven doorzocht naar het

verdwenen raam uit 1922, zonder resultaat

‐ er is contact opgenomen met dhr. Jon van Rooijen, die in 1995‐1996 supervisie uitoefende bij de

renovatie van het Brielse stadhuis. Hij deelde mee dat de afzonderlijke glaspaneeltjes van het

herdenkingsraam door werklui van de aannemer van de renovatie van het stadhuis uit het lood zijn

gehaald. Naar verluidt gebeurde dit om ze voor glasbraak en vandalisme te beschermen. De ruitjes

werden vervolgens in één of meer op maat gemaakte houten kistje(s) zonder deksel(s) geplaatst, van

elkaar gescheiden door multiplex plaatjes. Dhr. Van Rooijen heeft het raam nog in de kluis zien staan

tot zijn vertrek uit gemeentedienst in 1997. Probleem is dat het later moeten zijn verplaatst naar een

onbekende nieuwe locatie. Tevens leverde het gesprek met Jon een nieuwe foto van het verdwenen

glasraam op. Deze foto is te raadplegen via volgende link naar de beeldbank van de Rijksdienst voor

het Cultureel Erfgoed (openen in Firefox):


Aangezien het enkel een zwart/wit foto betreft, kan ook deze helaas niet dienen tot het vervaardigen

van een replica van het verdwenen raam. Hiervoor is immers een ingekleurde ontwerpschets of

minstens een hoge resolutie kleurenfoto nodig…

‐ e‐mails naar mw. Corien Glaudemans, mw. Minette Albers, mw. Monique Brederoo en mw.

Monique Deege, allen destijds verbonden aan het museum, leverden geen bijkomende informatie

op.

Verslag Roel Slachmuylders, 14 april 2016

2 september 2009 schreef Aard onderstaande brief aan B&W.

Ook schreef hij de aannemer aan die de verbouwingswerkzaamheden heeft verricht.

Aard Heijmans kwam na lang zoeken een herdenkingsboek van de vereniging

die destijds het gedenkraam heeft geschonken op het spoor bij een antiquair in Den Haag

en daar stond een foto van het raam in.

In 2012 heeft het stadhuis opnieuw een verbouwing heeft ondergaan. Samen met het achter het stadhuis gelegen Tromp Museum, de voormalige Waag en Gevangenis, is het als museum gaan fungeren. De toegang tot het museum werd verplaatst van de Venkelstraat naar de Markt.

Het secretarie, waar van oorsprong het glas-in-lood gedenkraam uit 1922 hing, werd ingericht tot een multifunctionele ruimte waarin allerlei activiteiten kunnen plaatsvinden: gemeentelijke vergaderingen, lezingen, presentaties, museale work-shops, kinderfeestjes en kleine recepties na afloop van een huwelijk, dit alles met behoud van de functie van stadsgalerie.

De trap in de hal met robuuste houten treden naar de raadzaal op de eerste verdieping, waar helemaal niets mis mee was, werd een trap van staal en glas. Dat vond men een trap van symboliek en grandeur: ,,starway to heaven’’, hoe verzin je het. Het is echt een verschrikking! Je zal je als bruid toch maar naar boven begeven terwijl aan je gasten van onder de trap door al dat glas een fraai uitzicht geboden wordt. Beelden die alleen voorbehouden zijn aan de bruidegom.

APRIL 2016 IS ER ENIGE OPHELDERING over het raam

VERSLAG ONDERZOEK

Rens van Adrighem

Jávea Spanje, november 2008

voor het laatst geoptimaliseerd 15 oktober 2017

Het boek heeft hij geschonken aan de Vereniging Vrienden van het Historisch museum

Den Briel en zij hebben het weer in bruikleen gegeven aan het museum.

moeizaam

VANUIT DE GEMEENTE VINDT MEN DAT ER van alles aan gedaan IS om het verdwenen glas-in-loodraam te achterhalen

maar zonder enig succes.

Omdat er steeds gesproken is over een raam, vraag je je sterk af

of er ten onrechte steeds gezocht is naar een raam

van ongeveer 150 x 120 cm. in plaats van een kistje(s)

waar de paneeltjes in opgeborgen waren in 1995.

Het ziet er naar uit dat er een wonder moet gebeuren

het verdwenen raam terug te vinden.

Ter gelegenheid van de lustrumviering werd de vraag gesteld of bekend was waar het gedenkraam zich bevindt dat ooit in de raadzaal te bewonderen was.

In de ‘Historische gids voor Den Briel’ beschrijft Johan H. Been het raam als volgt: “In een der ramen van de Raadzaal een medaillon (geschenk van het Alg. Ned. Verbond) voorstellende Koningin Wilhelmina, sprekende tot het volk op 1 April 1922. Op het podium bevinden zich nog, behalve de gehele Koninklijke familie, van rechts naar links de burgemeester (mr. F.J.D.C. Egter van Wissekerke) de onder-Voorzitter der Feestcommissie (notaris. L.P. van den Blink) en de Gem.-Secretaris (C.J. van den Ban)”.

Bijna niemand wist dat daar ooit een raam was te vinden, laat staan waar het is opgeborgen.

Ondertussen heeft onderzoek de volgende feiten boven water gebracht: Het raam werd in het jaar 1922 aan de gemeente geschonken ter gelegenheid van de viering van 350 jaar bevrijding op 1 april. Het ‘Algemeen Nederlands Verbond’ bestaat nog steeds als ‘ANV internationale vereniging voor de Nederlandse taal en cultuur’.

De raadzaal in het stadhuis was in die tijd op de begane grond te vinden. Het raam was aan de binnenzijde tegen het ‘gewone’ raam aangezet. Van de straatzijde was het raam dus hooguit te zien wanneer het buiten donker was en de raadzaal verlicht. In de periode 1955-1956 onderging het stadhuis een verbouwing maar toen bleef het raam gehandhaafd.

Op 26 juni 1995 werd het nieuwe stadskantoor aan het Slagveld in gebruik genomen en startte de verbouwing van het stadhuis aan de Markt. Het raam werd toen opgeslagen op de zolder van het Arsenaal.

Na de verbouwing was het de bedoeling het raam op te slaan in de toen nieuw ingerichte depots van het Historisch Museum Den Briel, op de bovenste verdieping van het stadhuis. Alleen: daar lijkt het raam nooit te zijn aangekomen; in elk geval is het object in geen enkel museuminventaris te vinden; en tot nu toe loopt hier het spoor dood. De hoop is nu volledig gericht op de lezers. Een ieder die informatie heeft die kan bijdragen tot opsporing van het raam, wordt verzocht dit aan het secretariaat van de ‘Vrienden’ te melden.

Er blijft dus naarstig gezocht worden naar aanknopingspunten door de twee geïnteresseerde Briellenaren die de verdwenen erfstukken en in het bijzonder het raam, boven water willen krijgen en niet van opgeven willen horen. Het lijkt wel of er tegenwoordig helemaal geen respect meer is, voor wat men Den Briel heeft nagelaten. Briels Historisch Erfgoed dient men te verzorgen en te behoeden voor vernieling of verdwijning. Dat zijn we als Briellenaren aan onze nazaten en ons ‘klein maar dapper Brieltje’ verplicht.

De gemeente Brielle antwoordde op vragen van de Vereniging Vrienden van Historisch Museum Den Briel dat zij ook niet weten waar het raam gebleven is.

Er worden hier en daar wat vermoedens geuit over mensen ‘die er meer van moeten weten’, maar een beschuldigende vinger naar iemand wijzen is niet mogelijk.

30 juli 2009 meld Aard Heijmans afbeeldingen of foto's te zoeken van het ongeveer 150 cm. hoge kunstwerk. ,,Misschien is het mogelijk om het glas-in-lood raam na te maken.'' Tot nu toe heeft die speurtocht weinig opgeleverd. Bij een antiquair vond hij een boek met daarin een afbeelding van het verdwenen raam, maar die is te klein om een replica van te kunnen maken.

REPLICA

ONVERDROTEN

Stadhuis aan de Koopmanstraat.

De raadkamer.

Het secretariaat.

‘Ouwe jongens krentenbrood’

Er blijft gezocht worden naar aanknopingspunten, in elk geval door de twee geïnteresseerde oud-Briellenaren om de verdwenen erfstukken en in het bijzonder

het glas-in-lood raam, boven water te krijgen. Van opgeven willen ze niet horen!

Oud-Briellenaar Aard Heijmans die half jaren ’60 werkte

op het secretariaat keek dagelijks uit op het gedenkraam.

Tot zijn grote schrik constateerde hij in het jaar 2000

dat het raam niet meer aanwezig was.

in alle stilte is hij gaan proberen te achterhalen waarom

het raam niet teruggeplaatst was na de verbouwing

van het stadhuis.

van Navraag bij oud-stadsarchivaris Jac. Klok, ras-briellenaar aren van der vlugt en briellekenner adri verhulst,

werd hij niet veel wijzer.

aard, die echt ‘iets had met het raam’ heeft zich daarna

volledig vastgebeten in het terug vinden van

dit voor Den Briel zo belangrijke erfstuk.

Het lijkt er op dat op enkele ras-Briellenaren na, bijna niemand wist dat er zich achter een raam van het stadhuis aan de Koopmanstraatzijde een gebrandschilderd

glas-in-lood raam bevond.

Dat zal wel komen omdat het alleen duidelijk was te zien wanneer het buiten donker was

en binnen in het stadhuis licht brandde.

Sinds 1922 bevond het raam zich in de toenmalige raadzaal.

In de periode 1955-1956 werd het stadhuis grondig verbouwd

en deed de ruimte daarna dienst als secretarie.

opnieuw verbouwing

Ter voorbereiding verbouwing van het stadhuis begon Monique Deege, medewerkster van het museum, op 1 augustus 1994 met de beschrijving per computer van de museumcollectie.

Ze kreeg de hulp van een tiental vrijwilligers. Uiteindelijk werden zo’n 7000 voorwerpen geregistreerd.

Elk voorwerp kreeg een eigen nummer en registratieformulier en R.G. Meijer fotografeerde alle voorwerpen. Met de museumregistratie kan direct informatie verkregen worden voor onder-zoek, tentoonstellingen en bovenal bij de tijdelijke verhuizing van de collectie naar het tijdelijk depots en de herinrichting van het museum.

De zolders van het Kantongerecht in de Voorstraat, het Arsenaal in de Rozemarijnstraat en de tijdelijke inrichting op de zolders van het stadhuis deden dienst als depot.

Wat bijzonder opvalt en zeer vreemd is, is dat in de registratie nergens melding wordt gemaakt van de erfstukken die zich in het stadhuis bevonden, zoals beschreven op de vorige sitepagina.

Dus ook niet het verwijderde gedenkraam, verpakt in een houten kistje dat opgeslagen zou worden in het nieuwe depot van het museum op de bovenste verdieping van het stadhuis.

Daar lijkt het raam nooit te zijn terecht gekomen, want het object is in geen enkel museuminventaris terug vinden volgens Marijke Holtrop, hoofd Historisch Museum Den Briel.

31 maart 2012 werd het heringerichte Museum dat toen honderd jaar bestond, geopend door koningin Beatrix. Het museum staat geheel in het teken van de Tachtigjarige Oorlog en kreeg de nieuwe naam: “Historisch Museum Den Briel”.

Van 1 november 1987 tot 15 februari 1997 burgemeester Jaap Sala.

Wethouders: Henny Kester de Kievit, Molenaar, D.W. Visser, Lesuis en J. Vogel.

1994 - 1998 W. Zeeman, J.R.P.Zuidhof, T.D. Zaal.

Gemeentesecretaris Wingelaar.

Van januari 1997 tot juni 2002 was Trix van der Kluit burgemeester.

Wethouders: in 1998 F.A.  Smink, in januari 2000 Toon Mans.

Gemeentesecretaris Wim van Noord.

Van januari 2002 tot oktober 2014 was Betty van Viegen burgemeester.

Wethouders: A. Mans tot juni 2003, A.J. Heijboer tot 16 april 2014, Wim Kruikemeier tot juni 2006. In 2006 Wilbert Borgonje. In maart 2010 Klaas Schipper tot 2014. 

In april 2010 Dick Verbeek. Gemeentesecretaris Wim van Noord tot 2013. 

Vanaf maart 2013 tot heden Piet Schouten.

Vanaf 2014 Gregor Rensen burgemeester.

Wethouders: Wilbert Borgonje, Dick Verbeek en vanaf 2014 André Schoon.

Gemeentesecretaris Piet Schouten.

belangrijke gegevens uit de periode 1987-2014

Gemeentearchivaris en museumconservator Jac. Klok en wethouder en loco burgemeester Henk Vegter waren belangrijke personen die zich gedreven inzette voor Brielles

histories erfgoed. Beiden gingen In 1987 met pensioen.

burgemeester &Wethouders uit die periode

het archief

Corien Glaudemans was van 1989 tot 1996 stadsarchivaris.

het museum

Van 1989 tot 1996 was Minette Albers conservator van het Trompmuseum.

In 1996 werden beroepskrachten, Monique Brederoo en Monique Deege,

verbonden aan het museum.

18 februari 2003 werd drs. Marijke Holtrop tot hoofd Historisch Museum Den Briel benoemd.

In 1996 werd Leen Hordijk tot archivaris benoemd.

Het archief verhuisde van de Provoost naar de Rik en werd Het Streekarchief

Voorne Putten en Rozenburg.

drs. Aart van der Houwen werd adjunct-archivaris.

registratie museumcollectie

Op de foto burgemeester Betty van Viegen, koningin Beatrix en Marijke Holtrop

Het onderzoek leverde uiteindelijk alleen de gegevens over het raam op en dat het maken van een replica niet tot de mogelijkheden gerekend kan worden. Over de verdwijning van het raam is geen enkel aanknopingspunt gevonden.

In 2010/2011 komt door de tentoon-stelling: ’‘Getrouwd in Brielle’’ deze foto van een trouwerij in mei 1951 boven water, waarop ‘wat flauwtjes’ een groot gedeelte van het glas-in-lood raam te zien is.

In 1956 werd de raad-en trouwzaal verplaatst naar de eerste verdieping van het stadhuis, en werd deze ruimte het secretariaat van de gemeente.

DE ENIGE GEVONDEN SITUATIE FOTO

GEBRANDSCHILDERD
GLAS-IN-LOOD
GEDENKRAAM

door

Rens van Adrighem

De zoektocht

NAAR HET HET VERDWENEN