In beschrijvingen staat te lezen: ‘Het torentje is een traptoren, de enige oude stenen trap in een voormalig Briels woonhuis, die zich bovendien in het eigenlijke hoofdhuis bevindt.

De vierkante toren is opgetrokken in het midden tussen twee aparte zijkamers. Toren en wenteltrap - van Ledestenen - zijn vermoedelijk in de loop van de 15de eeuw opgetrokken.’

Vanuit de Rozemarijnstraat, aan de achterzijde van Hotel De Zalm, was dit eind jaren zestig het beeld op het historische torentje. Een beeld dat in de jaren daarna veranderde door restauratie en uitbreiding van het hotel.

Vanaf het torentje heb je een prachtig uitzicht over Den Briel, tot aan het Stenen Baken nabij het Kruiningergors bij Oostvoorne.

TRAPTOREN OF VUURBAKEN

Het luik van de toren.

De toren tijdens de uitbreiding van De Zalm.

Blik vanaf de toren in noordelijke richting.

UITBREIDING VAN HET HOTEL IN DE JAREN ZEVENTIG

De uitbreiding.

ONDERZOEK NAAR JUISTHEID OVERLEVERING

‘Het torentje is enkele jaren geleden ingrijpend gerestaureerd. Daarvoor is destijds vergunning aangevraagd en een rapportje opgesteld. Er is toen discussie geweest over het uitkragen van de bovenzijde van de toren. Het was de vraag of dat zo gemetseld was of dat het in de loop der jaren was open gezakt. Uit het onderzoek kwam toen dat het oorspronkelijk een rechte muur moet zijn geweest en zo is het ook weer terug gerestaureerd. De toren wordt momenteel nog steeds als trap gebruikt voor een of meerdere kamers. Omdat er geen hekwerk is aangebracht is het voor te stellen dat bezoekers niet meer bovenop mogen kijken. 

Het verhaal dat de toren een vuurtoren zou zijn geweest is in de jaren dertig door de toenmalige archivaris Hofker geopperd. Daar werd tegenin gebracht dat het onwaarschijnlijk is dat er midden in de stad een open vuur zou worden gestookt.

Vooralsnog meen ik dat het torentje een van de vele vraagtekens van Den Briel is.’

Arie en Francien van der Berg, archivaris Aart van der Houwen

en aannemersbedrijf Poldervaart die de toren restaureerde,

dank ik voor hun informatie over het torentje.

Zonder hen zou een reconstructie niet mogelijk zijn geweest.

Al in mijn vroege jeugd hoorde ik over het torentje van De Zalm. Volgens overlevering zou het torentje in het verre verleden dienst hebben gedaan als vuurbaken voor schepen op de Maas. Nadat de schepen via het Stenen Baken bij Oostvoorne, de Maas op geloodst waren zou het torentje als vuurbaken de schippers de weg hebben gewezen naar Den Briel.

Het werd altijd als een mysterie betiteld, want niemand wist te vertellen hoe het precies zat met dat torentje. Reden om maar eens uit te gaan zoeken hoe dit ‘mysterie’ in elkaar steekt.

OVERLEVERING

Op vuurbakens werd in de oudheid meestal hout verbrand. Vandaar de naam ‘vuurtoren’.

Dergelijke vuurtorens zijn de feitelijke opvolgers van de zogenaamde vuurboeten, vuurbakens, of vuurpannen. Die bouwwerken deden voornamelijk overdag dienst.

De opstijgende rook vergrootte de zichtbaarheid van het baken. Daarin of daarop brandden open vuren. Ook werd er wel op een ijzeren korf een steenkolenvuur gestookt of met kaarsen, spiegels of glas-in-lood ruitjes het licht zichtbaar gemaakt voor de scheepvaart.

Rens van Adrighem

Jávea 10 oktober 2013


Den Briel heeft al eeuwen een zeer bijzonder torentje

Een uniek bouwwerk waar maar weinigen van op de hoogte zijn.

Het is onderdeel van Hotel Restaurant De Zalm in de Voorstraat en heeft

een hoogte van een meter of 18 en een grondoppervlak van 2,86 x 2,86 meter.

Gezicht op Den Briel vanaf de Maas in de 16de eeuw.

Positie van het Stenen Baken en het torentje van de Zalm.

WERKING VUURBAKENS

door Rens van Adrighem

brielse

vuurbakens

Het torentje van de Zalm gezien vanaf het stadhuis.

Vanaf het stadhuis.

Blik op de Hoofdwacht vanaf het torentje.

Dat het torentje vele meters doorgebouwd is waardoor het ver boven de daken uitsteekt is op zijn minst opvallend te noemen. Dat het vóór de bouw van de Sint Catharijnekerk - die in 1417 begon en door geldgebrek in 1482 ophield - dienst heeft gedaan als baken, is niet uit te sluiten.

Aan het typische bouwwerk is duidelijk te zien dat het minstens uit de 14de eeuw stamt.

Dat het hier om een traptoren van een woonhuis gaat is niet helemaal goed te plaatsen. Waarom zou je een ‘trappenhuis’, na het bereiken van de tweede verdieping doorbouwen en vele meters boven de daken laten uitsteken.

Dat het torentje als baken of zelfs als vuurbaken dienst heeft gedaan is daardoor wel voor te stellen omdat van bovenaf, het Stenen Baken aan de monding van de Maas, duidelijk is waar te nemen. Daarbij zijn beide torens ook vermoedelijk in de zelfde tijd gebouwd.

Half 15de eeuw zal de Brielsedom wel als baken zijn gaan dienen omdat die 57 meter uitstak boven het landschap, dus duidelijker was waar te nemen.

Volgens oud-stadsarchivaris Johan Been, heeft de toren deel uitgemaakt van een toevlucht

mogelijkheid voor kloosterlingen, omdat er een onderaardse gang loopt van nabij de toren tot in de Sint Catharijnekerk. Been heeft steeds aangenomen dat de toren van de kerk als vuurbaken zou hebben gediend.

ARCHIVARIS JOHAN BEEN

BESCHRIJVING VAN ARCHIVARIS J. HOFKER

EINDCONCLUSIE

De beschrijving dat het een ‘trappenhuis’ en uitkijktoren is geweest is juist, voor wat betreft de jaren na de omsluiting door bebouwing rond de toren in middeleeuwen. De toren staat immers midden in De Zalm.

Opvallend is de vermelding dat er een onderaardse gang van nabij de toren naar de Sint  Catharijnekerk (geweest) zou zijn.

DE ZALM IN DE JAREN VIJFTIG TOT TWEEDUIZEND

DE GESCHIEDENIS VAN DE ZALM

In 1928 kocht Cornelis van der Berg koffiehuis De Zalm. De Van der Bergdynastie, gaf drie generaties lang invulling aan de gastvrijheid van de Zalm. Arie van der Berg en Francien Lugtenburg namen in 1954 De Zalm van Aries ouders over.

In de jaren vijftig kwamen veel schoolbussen met kinderen uit het hele land naar Den Briel om vanaf de toren van De Zalm een kijkje te nemen over het geuzenstadje.

De vroegere stadsarchivaris Jacques Klok die geboren werd in De Zalm schreef over

De Zalm: ‘De hoge heren van Voorne waren machtig en aanzienlijk. Kern van hun gebied vormde Den Briel. Daar bouwden ze een hof met vierschaar en kapittelkerk, huizen voor dienstlieden en personeel.

ARCHIVARIS J. KLOK

ARCHIVARIS A. VAN DER HOUWEN

SITUATIE MAAS, HAVEN & VUURBAKENS

Om iets te weten te komen over het typische torentje, is informatie bij het Streekarchief Voorne-Putten en Rozenburg onontbeerlijk. De familie Van der Berg - al drie generaties lang als eigenaren van De Zalm - is ook een belangrijke bron.

Het complex viel aan het eind van de middeleeuwen uiteen, maar het gastenkwartier bleef behouden. De kastelein noemde het huis De Zalm, want Den Briel werd groot door de zalmvisserij.’ De toren ging als uitkijkpost dienst doen, omdat je een mooi uitzicht hebt over het oude historische stadje.

Omstreeks 1372 beginnen de beschrijvingen van het Hof van Voorne, de oudste panden van Den Briel. Uit domeinrekeningen uit 1373 blijkt dat  het hof in het zuiden begrensde aan de Langestraat en aan de zuidoost kant aan de kaatsbaan.

Alleen de stallen van Jacoba van Beieren, het hoge pand in de Kaatsbaan waarin zich nu café ’t kont van ’t paerd bevindt is daar van overgebleven.

In 1973 werd bij graafwerkzaamheden midden in het pand een gemetseld gewelf van een onderaardse gang - vermoedelijk naar de Sint Catharijnekerk - aangetroffen.

In de Voorstraat werd een groot gasten-verblijf rondom de daar staande toren gebouwd, die volgens Johan Been als toevlucht mogelijkheid voor kloosterlingen diende omdat er een onderaardse gang liep van nabij de toren naar de SintCatharijnekerk.

Klok, geboren in dit pand, heeft een lijst kunnen samenstellen met namen en beroepen van de bewoners van het pand vanaf 1545: een aantal burgemeesters, een brouwer, een logementhouder en een aantal kasteleins met bekende regionale namen als Pols, Dedert, Plooster en Bevaart. In 1902 wordt ook al een Lugtenburg genoemd. Een neef van de opa van Francien Lugtenburg, de echtgenote van Arie van der Berg. De oudste beschikbare koopakte van het pand dateert uit 1727. De Van der Bergs kwamen pas in 1928 in beeld. Op 1 mei van dat jaar kwam het bekende koffiehuis op hun naam.

DE GESCHIEDENIS VAN HET HOF VAN VOORNE

ARCHIVARIS J. KLOK

PERSOONLIJKE MENING

.

Vyerboet, Vierboet of Vuurboete, zijn de oud-Hollandse benamingen die sinds de eerste helft van de veertiende eeuw opgetekend zijn van wat we tegenwoordig vuurtoren of vuurbaak noemen. Vierboet zou oorspronkelijk heuvel of duin waarop een vuur brandde hebben betekend. Ook was er sprake van Vierboetgeld dat schepen als een soort belasting moesten betalen. Het woord Vierbote was de naam voor de vuurtorenwachter.

De Zalm was altijd al één van de voornaamste huizen van de stad.

De kastelein noemde het huis De Zalm, want Den Briel werd groot door de zalmvisserij.’

In 1828 werd er voor de eerste maal over het koffiehuis De Zalm geschreven.

Positie van de oude haven van de Maas naar Den Briel.

De toren was al jaren toe aan een grondige opknapbeurt. Dat gebeurde uiteindelijk in 2003 toen het 75-jarig jubileum plaats vond.

In de jaren tachtig en negentig werden bovenverdiepingen van omliggende panden aan de Markt en Voorstraat, aangekocht en verbouwd tot moderne hotelkamers.

Het groeide in 75 jaar uit tot een hotel met vijftig kamers.

Sinds 1 januari 2008 is Hotel-Restaurant

De Zalm verhuurd aan Fletcher Hotels.

In 1987 werd in het belendende pand het specialiteitenrestaurant

De Gekroonde Zalm geopend.

Later werd de zaak gerund door de zoons Kees en Rien. Het stijlvolle karakter van De Zalm is alle jaren behouden gebleven.

Zeker 65.000 euro werden uit eigen zak geïnvesteerd in de restauratie van de historische toren, een pronkjuweel midden in het hotel-café-restaurant complex.

In de Rozemarijnstraat werd een loopbrug met lift geplaatst om de bouwmaterialen bij de toren te kunnen krijgen.

DE BEKLIMMING VAN DE VIERBOET IN 2013

In september 2013 kreeg ik dankzij Arie van der Berg de gelegenheid de Vierboet te beklimmen. Een onvergetelijke ervaring omdat ik in begin jaren ’70 voor de eerste en gelijk de laatste keer het fraaie beeld van ‘t Brieltje over daken heb kunnen aanschouwen.

De zwart-witte plavuizenvloer van de beganegrond van de toren.

Moeder van der Berg witte elk jaar de muren en de onderkant

van de stenen wenteltrap en verfde de treden links en rechts zwart.

Tijdens de restauratie werd de dikke witkalklaag verwijderd.

Het zware luik om op de toren te komen, aan de buitenkant bekleed met rood-koperen plaat om indringen van vocht

te voorkomen.

Arie van der Berg, eigenaar van De Zalm

en ondergetekende op de Vierboet.

Het uitzicht in zuidelijke richting over de daken van het oude stadje

is indrukwekkend te noemen.

Het voormalige stadhuis, thans Historisch Museum.

De blik in noordelijke richting met de Jacobskerk en de horizonvervuiling in de vorm van windmolens op Rozenburg.

De majestueuze Sint Catharijnekerk waarmee de Vierboet in het verre verleden vermoedelijk verbonden was met een onderaardse gang.

DE VIERBOET
Dat is sinds de eerste helft van de veertiende eeuw de oude Nederlandse naam 
voor wat thans een vuurtoren of vuurbaak heet. 
Het vermoeden is dat de toren in zijn oorspronkelijke vorm hoger is geweest.

Om reden dat het torentje gebouwd is rond 1350 en toen nog helemaal vrij stond van bebouwing en de Sint Catharijnekerk nog gebouwd moest worden, (tussen 1417-1482) mag aangenomen worden dat DE VIERBOET inderdaad een vuurbaken is geweest.

Bovendien staan in de stadsrekeningen vanaf 1455 steeds jaarlijkse posten beschreven voor grote hoeveelheden riet die gebracht werden naar ‘het Riethuis’ bij de stenen Vierboet binnen de stad. Het kan dus niet anders zijn dan dat het Zalm torentje een vuurbaken was.

Door een van de twee ramen in de westelijke gevel krijg je een fraai uitzicht.

De kelder naast het torentje onderging een opknapbeurt om als opslagruimte dienst te gaan doen.

Wat er zich achter de stenen muur bevind is helaas niet onderzocht, maar het is goed voor te stellen dat daar de onderaardse gang - al of niet nog in takt - moet zijn.

Dat is goed mogelijk omdat ook vanuit de voormalige stallen van Jacoba van Beieren - behorende tot het Hof van Voorne - het huidige ’t kont van ’t paerd in de Kaatsbaan, een onderaardse gang is aangetroffen, hoogst waarschijnlijk ook naar de Sint Catharijnekerk.