Biografie Jan Beesemer
Jan Beesemer werd geboren als Isaäc Beesemer, op 21 juni 1933 te Amsterdam.
Uit eerbetoon voor zijn ruim twee decennia lange inzet voor de 1-aprilvieringen als geluidsman en regisseur, draag ik deze pagina op aan:
Jan Beesemer
Zijn regiewerk speelde zich vooral af tijdens de wekelijkse repetities,
zo’n twee maanden vooraf aan de viering.
Vooral Jan’s jeugd mag zeer schokkend genoemd worden.
Het is onvoorstelbaar wat er in zo’n kinderziel moet zijn omgegaan en wat dat voor invloed
op zijn leven gehad moet hebben.
Op mij persoonlijk heeft het in elk geval diepe indruk gemaakt en vind het bewonderenswaardig
hoe Jan zijn leven op een respectvolle wijze heeft weten te leven.
Rens van Adrighem Jávea 2008
Met dank aan Jan’s vrouw Bien en schoonzus Joke,
die het mij mogelijk maakten deze biografie samen te stellen.
Ere wie Ere toekomt
door oud Briellenaar
Slechts enkele krantenknipsels en een enkele foto zijn er van hem terug te vinden.
Op de dia’s die ik tegenkwam in mijn archief van een opvoering
van een spel op de Markt in het jaar 1974,
zien we Jan op enkele dia’s zijn regie aanwijzingen geven.
Het leek mij een goed idee om met deze dia’s dit eerbetoon samen te stellen
en gaf het de titel: “ De 1-aprilviering van 1974”, opgedragen aan deze creatieve, gedreven goede vriend, die helaas veel te jong overleed.
Karel en Hans hebben natuurlijk ook veel mee gemaakt en waren in verschillende pleeg-gezinnen opgenomen. Het waren heel verschillende jongens omdat ze verschillende opvoedingen hadden gehad. Jan had na jaren zijn broers weer gevonden. Karel woont nu in Bilthoven en Hans in Leliestad. Na het behalen van zijn diploma voor automonteur is Jan gaan werken bij Garage Dorst in Oostvoorne als monteur en taxichauffeur. Daarbij heeft hij ook nog avondcursussen gevolgd voor elektriciën. Jan kreeg kennis aan Bien van der Voorde en is toen bij haar vader gaan werken als elektriciën. Ze trouwden op 9 september 1958 en kregen 11 kinderen; Jacqueline, Anja, Ardi, Roos, Gertjan, Dick en Peter ( tweeling) , Marco, Mirjam, Dennis en Mignon. Jan is in 1970 voor zichzelf begonnen. Naast het reparatie werk van huishoudelijke apparaten, verzorgde hij ook de geluidsinstallaties bij evenementen en regisseerde amateur toneel-gezelschappen. In 1962 assisteerde hij Frans Spuijbroek bij het klank en lichtspel “In naam van Oranje”. Vanaf 1966 zette hij zich in voor de jaarlijkse 1 April-feesten als geluidsman en regisseur van het inname spel en de overgave van de stad. In 1972 maakte hij de play-back geluidsbanden voor het spel “De tyrannie verdrijven”, en assisteerde regisseur John van der Rest. In 1977 en 1978 regisseerde Jan het toneelstuk: “De zee en de wind voor vijand en vrind”, door ondergetekende geschreven en opgevoerd in de Jacobskerk. In 1979 regisseerde hij het toneelstuk “Slaet op den trommele”, dat opgevoerd werd in de Technische school. In 1980 regisseerde Jan het inname spel “De piraten komen”, op het Maarland Nz.
Jan werd door de spelers altijd zeer gewaardeerd. Ook bij mensen uit het vak, met name John van der Rest, - die Jan in 1972 assisteerde bij het spel “De tyrannie verdrijven” - was zeer onder de indruk van Jan’s vakkundige en gedreven inzet bij het in korte tijd opzetten van het spel. John van der Rest schreef mij in een brief: “Wat Jan Beesemer met het geluidswerk heeft gepresteerd is echt ongelooflijk.”
Door Jan’s overlijden op 11 augustus 1985, - Jan was toen 52 jaar - kwam er een einde aan de alom gewaardeerde inzet van deze altijd optimistische en bovenal gedreven geluidsman en regisseur, die altijd met een groot optimisme de spelers en deelnemers enthousiast wist te krijgen en houden. Vooral de oudere 1-aprilvierders zullen Jan herinneren als de gedreven en onvermoeibare “Oostvoornse Briellenaar”, waarvoor niets teveel was.
Na de oorlog heeft men een bericht in de kranten gezet om er achter te komen wat de echte naam van Jan zou kunnen zijn. (Zelf wist hij dat niet meer, omdat hij steeds andere namen had aan moeten nemen). En zodoende zijn ze achter zijn echte naam Isaäc gekomen, maar de naam Jan is altijd zo gebleven. De ouders van Jan, en zijn broer Jacob zijn op 28 januari 1944 in de gaskamers van Auschwitz om het leven gebracht. Vader was 38 jaar, moeder 37 jaar en Jacob 14 jaar. Alleen Jan’s broer Absalon is levend teruggekomen uit het concentratie-kamp, maar later in Haarlem in een sanatorium op 15 augustus 1951 aan TBC gestorven. Jan is dus samen met zijn broertjes Karel en Hans die jonger dan Jan waren, gespaard gebleven.
In mei 2010 kreeg ik het verrassende bericht van Joke, dat Jan’s broer Karel een boek
uitgebracht heeft met herinneringen aan zijn jeugd onder de titel:
Hoe heette ik ook alweer?
In het boek staat naast mijn eerbetoon aan Jan, ook de essentie van een vraaggesprek met Jan en de oud-archivaris Jac. Klok, dat kort voor Jan’s overlijden in 1985 plaats vond.
Een gesprek dat volgens de heer Klok mede indrukwekkend was, omdat het bijna zakelijk, zonder merkbare emoties door Jan vertelt werd.
Door het uitbrengen van het boek “Hoe heette ik ook alweer?” door Karel, zijn de contacten met de familieleden - een familieband waar eigenlijk nauwelijks sprake van was door allerlei begrijpelijke omstandigheden als gevolg van de oorlog - weer enigszins hersteld.
Helaas heeft Jan dit niet meer kunnen meemaken.
Karel Beesemer, oud-wethouder van de gemeente De Bilt, heeft zijn levensverhaal uit respect voor zijn in de concentratiekampen vermoorde familieleden en voor zijn kinderen geschreven. Een sterke innerlijke drang begeleidde hem bij het schrijven van deze bijzondere lezenswaardige autobiografie.
Hij wil laten zien wie hij is: een man die door
de mist van zijn tragedie naar zijn innerlijke waarheid zoekt.
Op indrukwekkende wijze beschrijft Karel Beesemer in het boek de tragedie van de Joden-vervolging in de Tweede Wereldoorlog. Het is een belangrijke autobiografie van een Joods weeskind uit Amsterdam dat in een liefdevol pleeggezin in Renkum wordt opgevangen en op hogere leeftijd met zijn identiteit worstelt.
De titel van deze eerlijke autobiografie spreekt voor zichzelf. Een titel die ook van toepassing is op mijn vriend Jan Beesemer (Isaäc), door Karel Sjaak genoemd.
Het boek “Hoe heette ik ook alweer” is te bestellen bij: www.uitgeverijkontrast.nl
Met Jan in 1980
Jan's ouders werden met zijn oudere broers, Absalon en Jacob, in 1941 door de Duitse bezetters opgepakt. Op dat moment speelde Jan met zijn jongere broertjes Karel en Hans buiten. Zij werden gewaarschuwd dat ze niet naar huis moesten gaan, waardoor zij niet zijn opgepakt. Jan’s ouders en broers werden met andere joodse mensen bijeengebracht in de Amsterdamse schouwburg. Verschillende mensen hebben zich toen over Jan, Karel en Hans ontfermd. Toch heeft Jan zijn ouders nog één maal gezien. Het vermoeden is dat de Duitsers wisten dat het gezin uit meerdere personen bestond en dat ze de ouders en de kinderen wilden testen. Zijn moeder en misschien ook zijn vader en waarschijnlijk ook andere ouders, werden in het klaslokaal van de school van Kees Boeke binnen gebracht, waar Jan op school zat. Jan en de andere kinderen, waren geïnstrueerd dat ze niet mochten laten merken dat ze de mensen die de klas binnen kwamen kenden. Jan heeft maar een korte tijd op de school van Kees Boeke gezeten. Jan’s ouders en de broers Absalon en Jacob werden afgevoerd naar het concentratie kamp Auschwitz.
In een jaar tijd woonde Jan op 14 verschillende adressen, steeds weer op de vlucht omdat men bang was dat hij gevonden zou worden. Zo moest hij een keer vluchten en is toen met een bootje, met nog meer vluchtelingen, in de Biesbosch terecht gekomen. Daar kreeg hij als klein jongetje een wapen in zijn hand gedrukt en moest schieten als de Duitsers soms achter hen aan kwamen. Het veertiende adres was bij de familie A. van Herk aan de Zandweg in Oostvoorne. Die hadden al enkele kinderen en Jan kon daar ook nog wel bij. Hij was toen ongeveer negen jaar. Jan heeft samen met Joke van der Voorde op de Christelijke lagere school in Oostvoorne gezeten. Hij kwam in de klas met nog een Joodse jongen. ( De fam. van Herk had twee joodse jongens in huis.) Die andere jongen is vrij vlug weer van school gehaald omdat hij een erg Joods uiterlijk had. De familie van Herk heeft hem toen op een ander adres ondergebracht. Na de lagere school is Jan in Den Briel naar de Ambachtsschool gegaan en leerde voor automonteur. In Oostvoorne was tot de bevrijding zijn naam Jan Broekhuizen.
Het joodse gezin Beesemer: vader Leon Beesemer, geb. 20 mei 1905 te Amsterdam, en moeder Rozette Beesemer-Aap, geb. 21 december 1906 te Amsterdam, hadden toen in 1940 de tweede wereldoorlog uitbrak, vijf kinderen. Absalon, geb. 20 juli 1928, Jacob, geb. 14 september 1930, Isaäc, (Jan) geb. 21 juni 1933, Karel, geb. 2 maart 1935, en Hans (Johan), geb. 4 oktober 1938.
Abraham (Appie), die met zijn ouders en broer Jacob (Jaap) afgevoerd werd naar het concentratiekamp Auschwitz. Hij kwam als enige, doodziek door tbc terug en overleed aan de gevolgen daarvan op 15 augustus 1951 op 23 jarige leeftijd in een sanatorium in Haarlem.
Johan (Hans) werd opgevangen door een katholiek gezin en werd daardoor niet opgepakt en overleefde de oorlog.
Johan woont in Lelystad.
Karel werd na verblijf op diverse onderduikadressen liefdevol opgenomen door de gereformeerde familie Lourens in Renkum.
Karel woont in De Bilt.
Jan’s broers die de oorlog ook overleefden
Rens van Adrighem juli 2010