Zijn werkzame leven:


Bas was zoals hij zelf altijd zei: “een man van twaalf ambachten maar niet van dertien ongelukken.” Hij pakte alles aan. Was onder andere broodbezorger, rietsnijder en sigarenmaker. In de laatste jaren van de tweede wereldoorlog was hij verplicht voor de Duitse bezetter te werken, zoals het aanbrengen van prikkeldraad.

Even na de bevrijding liep half Den Briel uit naar de Turfkade, alwaar Bas vanaf het dak van een urinoir, onverschrokken de NSB-ers en de Duitse bevelhebber stond te “bezingen”. Bas leerde in 1954 Hester uit Zwartewaal kennen en zij trouwden in 1956. Zij gingen toen wonen in één van de kleine huisjes op het Maarland Nz.naast de Sloepenloods. Intussen had Bas een baan gekregen bij de gemeente Brielle. Eerst als stratenmaker en later als conciërge van de BLO-school, waar Bas altijd een heel leuk contact had met de kinderen. Het werken binnen vier muren was echter niet geschikt voor Bas. Mede door het toedoen van zijn Hester, kwam hij bij de plantsoenendienst terecht.

Bas Pothof werd geboren op 2 maart 1920 even buiten Brielle, op grondgebied van het gehucht Tinte, als vierde kind van het echtpaar Pothof. Het gezin kwam in 1926 in Den Briel wonen, omdat vader ging werken bij de Kalkfabriek.


Bas was opvallend klein van stuk en had een bochel, wat hem overigens nooit in de weg heeft gestaan. Hij ging daar altijd met veel humor mee om. Bas doorliep slechts één school: De school met de bijbel. Verder is hij nooit gekomen. Hij had nogal eens de gewoonte de ‘kuierlatten’ te nemen door uit het raam van de klas te springen.

Hoe Bas aan zijn bijnaam kwam:


Bas kon in zijn jongensjaren bij het bezoek aan bioscoop “Luxor”, van de familie Philipse in de Nobelstraat, tijdens vertoning van spannende cowboyfilms het niet laten keihard:

“Wikkie, Wakkie, Wo” te roepen, zodat hij aan de bijnaam “Wakkie” kwam.

Het oude Luxor theater in de Nobelstraat

Bas als Conferencier en muziekant:


Bas heeft zijn hele leven vol geintjes gezeten. Bovendien kon hij aardig acteren. Zowel in- als buiten Den Briel trad hij op als conferencier bij bruiloften en partijen. Daarbij veelal met zijn maten Joost Passenier en Leen Roedolf. In de vijftiger jaren vormden zij de band “Lebajos”. (Leen-Bas-Joost) Bas was ook actief lid van de mondharmonicaclub Fiasco(over humor gesproken) en speelde verdienstelijk Smoelschuif.

Bas en 1 april:


Bas en 1 april,... 't hoort allemaal bij elkaar. Vanaf het begin in 1968 toen de grote bloei ontstond, was Bas betrokken bij de feesten. Bas begon als kanonnier van het grote veldkanon.


Samen met Arie Luijendijk en Fons Löbker als Spaanse wachter heeft hij bij de poort gestaan.

Later was hij hoofdbottelier op het geuzenschip, waarvan de bemanning beweerde dat er geen betere bottelier bestond dan hij. Ooit fungeerde Bas zelfs als lijfwacht van koningin Beatrix toen zij Brielle bezocht om het standbeeld van prinses Wilhelmina te onthullen.

Bas ging ook altijd trouw mee met buitenstedelijke optredens zoals de Unie van Utrechtdagen in Utrecht, Rotterdam, Leiden, Delft en Dordrecht, om daar een poort te gaan rammeien.

Een ‘bijzonder stel’ mogen we wel stellen.

Met Bas was het altijd lachen.

Op onderstaande foto zien we hem (met gitaar) op een oude boerenkar, waarmee hij samen met Jos Bels en Ton van Eendenburg, op de Markt voor het stadhuis, het publiek vermaakte met zang en smoelentrekkerij van de hoogste plank.

door  Rens van Adrighem

Bas en de Maskerade:


Vooral de oudere Briellenaren kennen Bas natuurlijk ook van de Brielse Maskerade op Sint Nicolaasavond 5 december. Meestal met Fons Löbker en Jos Bels, zorgden deze Briellenaren voor veel spektakel tijdens deze vermaarde, authentieke Brielse traditie.


Bas was ook nog een verfent Carnavalsvierder.

Het is wel duidelijk dat Bas met volle teugen genoot van het leven

en dat we kunnen zeggen:

        Bas Pothof

Rens van Adrighem   

Jávea,  januari 2009

Naar: Site inhoud

Leen

Joost

Bas is jarenlang scheidsrechter geweest. Het eerste elftal was altijd verzekerd van de medewerking van Bas. Dan “trok hij aan de noodrem.” Insiders wisten wat dat inhield. Voelballen deed hij tot zij 45ste jaar. Ook daar maakte hij altijd een 'optreden' van. Bij een doelpunt maakten Bas en de zijnen altijd een ere-rondje om het veld. Bas was ook de man die dagelijks op het voetbalveld te vinden was.

Bas en Wit-Rood-Wit:

Omdat hij als gemeentewerker van de plantsoenendienst, de velden maaide en onderhield. Daar had hij echt een dagtaak aan. Hij was altijd op het Meeuwenoord te vinden, tot hij in 1982 met de vut ging.

Bas, zittend rechts, in de W.R.W. bestuurskamer.

een Markant Briellenaar om nooit te vergeten

Bas Pothof

met de bijnaam  Wakkie